Posts tonen met het label komedie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label komedie. Alle posts tonen

maandag 6 mei 2013

The Last Stand (2013) – 4.5/10

Schwarzenegger is sinds 10 jaar weer te zien in een hoofdrol. Tijdens zijn jaren als 'Governator' heeft hij wat geschnabbeld bij wanproducties van en met 'concurrent' Stallone. The Last Stand is het Hollywood-debuut van Koreaan Jee-woon Kim. Toen in het begin van de jaren '00 de Aziatische horrorfilm hoogtijdagen vierde, en Hollywood hopeloos achterliep door deze films te remaken, kwam hij in 2003 met A Tale of Two Sisters; een horrorfilm met een Sixth Sense-achtige twist. Aziatische filmmakers hebben het geprobeerd om hun Aziatische succes nog eens over te doen in Hollywood, zoals de Japanner Hideo Nakata tevergeefs heeft geprobeerd met The Ring Two. Kim komt nu geen horror maken, maar heeft nu de touwtjes in handen bij deze nieuwe actie-komedie. Het genre is hem niet vreemd, blijkens de film The Good, the Bad, the Weird (2008). I Saw the Devil (2010) was een succes, waar Kim een misantropische, cynische kant van zichzelf liet zien, wat een gedurfde, maar tegelijkertijd lelijke film opleverde. Als er gekeken wordt naar de verkoop van de bioscoopkaartjes dan heeft het peperdure The Last Stand maar net de helft van zijn budget van 65 miljoen dollar opgebracht.

De naam Schwarzenegger is door de jaren heen een handelsmerk geworden voor keiharde actiefilms met cheesy oneliners. Arnie speelt sheriff Ray Owens van Sommerton Junction in de woestijn van Arizona, net langs de Mexicaanse grens. De ligging van het gat is uiteraard van belang voor de plot. Drugsbaron Cortez (Eduardo Noriega) ontsnapt tijdens een overplaatsing naar een andere gevangenis (hoe krijg je anders een gevaarlijke crimineel weer op de voet?) en wil met zijn opgevoerde Corvette de grens over, natuurlijk door het plaatsje waar de sheriff nèt een dagje met verlof is. Zijn deputy's zijn een zooitje ongeregeld, met een typecast van Luis Guzmán. Ondertussen heeft de FBI onder leiding van agent John Bannister (Forrest Whitaker) een klopjacht op de voortvluchtige georganiseerd. Bij een afleidingsmanoeuvre van Cortez, waarbij hij zijn handlangers in oranje pakken laat rondrennen, zodat hij zelf in zijn oranje gevangenispak kan ontsnappen, vangt de FBI een man met een KNVB-jack; ook Kim schijnt Guus Hiddink nog steeds niet te zijn vergeten.

Een goede actie-komedie staat of valt bij een goede samensmelting van de twee genres. Deze film weet niet goed wat hij moet zijn. Er zit genoeg actie in, maar de komedie is niet goed doordacht. Het is niet dat het tenenkrommend is, maar erg grappig wordt het nooit. Het zorgt ervoor dat de film op beide vlakken uit de toon valt. Zo is de komedie tijdens de keiharde actie erg misplaatst en krijgt het rauwe geweld een exploitatieve ondertoon. Daarbij lijken de scenes met de FBI enerzijds en de scenes in Summerton anderzijds in twee verschillende universa te bestaan. Kim krijgt het maar niet gerijmd. Daarbij acteert Schwarzenegger op zijn houterigst en ziet er vermoeid uit. Jackass Johnny Knoxville toont zich een volwassen acteur, maar zijn rol is gebaseerd op matige slapstick en voegt weinig toe.

Doordat er zo vaak wordt gewisseld van toon, vormt de film een onsamenhangend geheel van matige komedie, houterige actie en een oersaaie ontknoping. "You make us immigrants look bad," zegt de sheriff tegen de Mexicaanse drugsbaron tijdens hun eindgevecht. Verwijst Schwarzenegger hier naar zijn eigen oorsprong als Oostenrijker? 'Ray Owens' is nu niet echt de meest vreemde naam. 'Misplaatst' is hier het sleutelwoord: Kim en Hollywood gaan niet samen, Knoxville is nutteloos en Whitaker is van een zwaarder kaliber dan de rest van de acteurs. De film mist de charme en het plezier van een echte actie-komedie. Kijk nog maar eens naar Lethal Weapon en je begrijpt wat ik bedoel.

maandag 22 oktober 2012

Killer Joe (2011) – 4.5/10

Dear Mr. Friedkin,

Your 2011 film Killer Joe has finally become available here in the Netherlands and I have been waiting for it for quite a while now. In the early 70s you have made two absolute classics, The French Connection and The Exorcist, and finished your spree in 1980 with the underrated Cruising. In 2003, I went to the cinema on my own to see your new film The Hunted. It was entertaining while it lasted, but it was a shame to see that it had fallen into the mediocre Hollywood category. I am pleased to see that, at your age, you have made a 180 degree turn in terms of new projects, starting with the 2006 film Bug. I did not understand it, but it was a welcome change in your director's reel. And now, with Killer Joe, you have turned movie land and its movie goers upside down again with a mean, dirty, and all over controversial film. It has gotten the rare NC-17 rating in your country and this can mean only one thing: lots of sex and violence! I am glad you have made no consessions towards the milder R rating.

The film is full of nasty surprises, but the good surprise is the performance of the actors. I am glad that you could persuade Matthew McConaughey, the go-to Texan actor it seems, to play the part of Killer Joe. He is so intimidating and yet so slick. He is clean-shaven – everywhere – and yet very rough. Speaking of hair, the women in this movie show a lot of pubic hair. Is this to emphasize a contrast between them being trailer trash and Joe being a more 'civilized' police detective? I have to admit i chuckled when the woman flashed her bush in front of her step-son when she opened the door of the trailer. I know Gina Gershon does not shy away from showing herself, and I am glad she went all the way in this film. She seemed the most committed to this project, as the most humiliating scene of the film involved her performing fellatio on a deep fried chicken leg. Now, I am not an American and KFC is not really a part of our Dutch culture, but is it a visual metaphor for the dumb people sucking the cock of the big fast food chains? I really hope so, because, as you may have noticed, I am trying to make sense of this movie.

The story you have chosen is actually quite simple. It is not unique at all. A guy named Chris (Emile Hirsch) owes some guys some money and he has to get it within a very short period of time. His mother has a big life insurance, and from what we know she is supposed to be a real monster of a woman, so it would be no biggie to get her killed. It turns out all the money will be given to Dottie (Juno Temple), the younger sister of Chris, so through her, they can split it four ways among the dad (great performance by Thomas Haden Church!), the step-mom and the kids. Killer Joe is the corrupt detective who has a killing job on the side, but we never see him kill anyone. Not even the mother! Is this another joke? And who are we supposed to root for in this film? I thought it was Chris, but he is so dumb. It can't be Joe, because he is such a sick fuck. He keeps the young Dottie – how old is she supposed to be again? – as a 'retainer' for his money until he gets his share. You have made everyone (except for Dottie, maybe) an asshole in this movie, so there is no way I was going to invest my emotions in any of them.

The pacing of the story was also a problem for me. There is a lot of meaningless dialogue that goes nowhere and some scenes just drag on. Are we supposed to feel uncomfortable while watching this? When Dottie undressed herself in front of Joe, and he turned around when she revealed her private parts, the viewer is the only one watching her get naked. Was this your intention? Also, the dark humor in this film worked sometimes, but usually not. I did not know when to laugh, because it was so violent. I am all about excessive violence mixed with humor, but there was no contrasting entity in this film that made sense of it all. I did laugh at the suit of the dad falling apart at the notary public. This joke was perfectly timed. The visual humor was so innocent and really appreciated in this dark film. See? That's contrast! This works!

Now, I am not here to tell you what you can and cannot do. You have made this uncompromising film with a big intention – I am not sure what it is, yet – and that is a great thing. Although, I did feel a bit like you were telling me what I can and cannot feel for the characters involved. Everyone was so unlikable that I had no choice but to conform to that. And the ending was so abrupt, that I felt a bit cheated. But please, keep on making these kinds of films. I heard you were making a new one with Nicolas Cage called I Am Wrath, where he takes the law into his own hands. I am very excited! For the record: I'd rather see a failed project from a master than a PG-13 rated, big budget Hollywood production.

Sincerely,

Tomas D. Dekkers

zondag 21 oktober 2012

Moonrise Kingdom (2012) – 7/10

Moonrise Kingdom gaat over het 12-jarige jongetje Sam (Jared Gilman) is lid van de Khaki Scouts, onder leiding van Scout Master Randy Ward (Edward Norton), die zijn gebivakkeerd op het eilandje Penzance in New England. Op een morgen blijkt Sam vertrokken te zijn en hij heeft een brief achtergelaten met daarop zijn ontslag van de Khaki Scouts. Hij en het meisje Suzy (Kara Hayward) hebben in het geheim brieven naar elkaar gestuurd nadat ze elkaar enige tijd geleden hadden ontmoet en verliefd zijn geworden. Suzy woont aan de andere kant van het eiland in een groot huis met vader (Bill Murray), moeder (Frances McDormand) en drie jongere broertjes. Ze is het buitenbeentje van de familie en ziet in Sam een uitvlucht. Vader en moeder zijn allebei advocaat, maar hebben ook hun eigen probleem. Moeder heeft namelijk ook een relatie met Police Captain Sharp (Bruce Willis).

Al gauw wordt onder de eilandbewoners duidelijk dat zowel Sam als Suzy op dezelfde dag zijn verdwenen. Sam is een weeskind en niet meer welkom bij zijn pleegouders en zal nadat hij gevonden is, overgedragen worden aan Social Services (Tilda Swinton). Er wordt een zoekactie gestart met hulp van de Khaki Scouts. Ondertussen zijn Sam en Suzy samen op avontuur, al jagend en kamperend in de natuur, alwaar hun kalverliefde tot uiting komt.

Het nieuwe kunstwerkje van Wes Anderson mag er zeker wezen. De man staat bekend om zijn eindeloze visuele details. Met films als The Life Aquatic with Steve Zissou en Fantastic Mr. Fox heeft Anderson al meerdere malen bewezen hierin een meester te zijn. Hij heeft er deze keer voor gekozen om zijn film op 16mm-film op te nemen, om het jaren '60 gevoel te accentueren. Het beeld krijgt zo een grofkorrelig effect wanneer dit wordt uitvergroot op het traditionele 35mm-formaat. De hele stijl van de film, inclusief de credits, komen rechtstreeks uit de keuken van Anderson en geen enkele filmmaker komt daarin echt in de buurt. De stijl was de prioriteit en daar heeft de rest van de film helaas onder te lijden.

Moonrise Kingdom heeft om mee te beginnen al te veel personages. Te veel om hen in anderhalf uur goed uit te diepen. Ze zijn allemaal eendimensionale figuren in de prachtige kijkdoos van Anderson. De plot van Sam en Suzy krijgt zo te weinig aandacht en dat is zonde, aangezien het de hoofdattractie van de film is. Ook is het acteerwerk van de kinderen wat twijfelachtig. Ze beschikken niet over de emotionele diepgang om hun personages kleur te geven. Wat overblijft zijn kinderen die de zinnen oplezen die volwassen voor hen hebben geschreven. Anderson zelf en Roman Coppola – de zoon van – zijn hiervoor verantwoordelijk.

Ondanks het gebrek aan diepgang, iets waarin Anderson juist wel excelleert in The Royal Tenenbaums, en het soms moeizame tempo en vreemd gekozen spanningsbogen, is de film geen straf om te zien. Andersons visuele stijl is zo uniek dat dit gegeven de film alleen al de moeite waard maakt. Ook de visuele humor draagt bij aan de charme van de film. Het is nu hopen dat Anderson in zijn volgende project het deksel van zijn kijkdoos oplicht, zodat we een dieper beeld krijgen van zijn personages en hun zo wat ademruimte gunt.

zondag 16 september 2012

Ted (2012) – 4/10

Ted is het nieuwe personage van Seth MacFarlane, de bedenker van tekenfilmseries als Family Guy en American Dad!. Hij is tevens verantwoordelijk voor de regie en de stem en bewegingen van de beer. Wie van de humor van de series houdt, zal zich ook goed met Ted vermaken. De grappen vliegen je continu om de oren en zijn van het type hit or miss; alsof MacFarlane wil zeggen: "Vond je deze niet leuk? En deze dan? Deze misschien?" Toegegeven, de humor is een stuk minder irritant in live action; het decor van de 'echte' wereld legt de humor van MacFarlane een welkome beperking op.

Het verhaal van de film is verrassend (of juist teleurstellend) conventioneel. De plot verloopt volledig in de traditie van de bromance. De beer Ted is door John (Mark Wahlberg) als kerstcadeau gekregen toen hij nog een jongetje was. Hij had geen vriendjes en wenste dat de beer tot leven kwam. De beer kwam ook daadwerkelijk tot leven. In de meeste films met levende knuffelbeesten wordt dit voor de ouders geheim gehouden. In Ted laat John hem meteen aan zijn ouders zien die zich (uiteraard!) een hoedje schrikken. De beer blijft zijn hele leven lang zijn maatje. Op het moment waarop de film zich na de credits hervat, is John al vier jaar samen met Lori (Mila Kunis). Zij heeft schoon genoeg van het gelanterfant van John en Ted. Haar vriendje moet nu aan haar bewijzen dat hij een volwassen man is en iets nuttigs met zijn leven gaat doen. Natuurlijk lukt dit heel de film lang niet en is dit het excuus voor vele grappen en grollen. Men kan blijkbaar geen genoeg krijgen van deze thematiek. De man speelt de underdog en doet veel dingen fout tot ergernis van zijn medemens. Aan het eind van het verhaal vergeven we het hem altijd weer als hij dan eindelijk toch de verantwoordelijkheid neemt. Homer Simpson is hier het archetype van en dit figuur is sindsdien steeds minder goed uitgewerkt.

Bij humor gaat het om context. Niets is werkelijk grappig als het niet in relatie tot iets anders staat. Het is jammer dat MacFarlane zo onverschillig is over de context; het maakt de grappen onsamenhangend en ze vloeien nooit of heel zwak voort uit de gebeurtenissen in het verhaal. De gebeurtenissen zijn slechts een decor om grappen te vertellen, terwijl juist een goed verhaal ten grondslag moet liggen aan de grappen. Het is verbazingwekkend hoe sommige grappen uitgewerkt zijn. Zo worden grappen rondom homo's en kinderkanker ontzettend puberaal en zonder ironie verteld. Er is niets waar je geen grap over kunt maken, maar de context vraagt er niet om, waardoor het dwalende grappen zijn die juist onnodig afleiden. Ook de stereotypering van Aziaten is in Ted volledig achterhaald en zou zo passen in een propagandatekenfilm met Bugs Bunny uit de jaren '40.

Het enige middel dat de film nog wat spanning in het laatste bedrijf kan geven is de rol van een levenslange fan van Ted (de eeuwig bedrukte Giovanni Ribisi), die hem het liefst voor zichzelf wil hebben. De twist wordt ingezet als de film al lang aan zijn eind toe is – 106 minuten is echt te lang! De plot is goed voor een film van 80 minuten, maar wordt onnodig gerekt met ontzettend veel vulling in de vorm van grappen die af en toe leuk zijn. Wat juist wel werkt is de chemie tussen John en Ted. Ondanks dat Ted een personage is dat in de postproductie van de film is toegevoegd, lijkt hij daadwerkelijk deel uit te maken van zijn omgeving waarin de menselijke personages heel natuurlijk op hem reageren. Dit gegeven en een paar goede grappen maken dit geen goede film. Het narratief is niet verrassend en veel vaker veel beter gedaan. Het spervuur aan grappen moet verhullen dat het verhaal in wezen geen vlees omvat. Dit werkt voor afleveringen van 20 minuten, maar niet voor een film die vijf keer zo lang duurt.

zondag 9 september 2012

Men in Black 3 (2012) – 4.5/10

Tien jaar na de sequel en vijftien jaar na het origineel komt dan de voltooiing van de trilogie, het format waar Hollywood maar geen genoeg van krijgt. Men in Black 3 (gelukkig zonder ondertitel) is voorlopig het laatste deel en heeft een passend einde om een trilogie mee af te sluiten, maar zeg nooit nooit, natuurlijk. Will Smith en Tommy Lee Jones keren weer terug als Agent J en K en hoewel Jones prominent wordt vermeld, speelt hij in deze film niet meer dan een bijrol. De regie ligt ook voor dit deel weer in de handen van Barry Sonnenfeld en is zoals de vorige delen schreeuwerig en weinig subtiel.

Het verhaal gaat als volgt. Agent K heeft ooit, eind jaren '60, de arm van de alien Boris the Animal (It's just "Boris"!) afgeschoten en hij wil wraak. Boris wordt gespeeld door de Nieuw-Zeelander Jemaine Clement, die met de eigenzinnige film Eagle vs Shark enige bekendheid maakte. Boris is ook nog de enige in zijn soort en hij is heel erg boos op K. Hij reist terug in de tijd (ja, echt!) om K ditmaal voor te zijn. Dit is blijkbaar gelukt, want K verdwijnt in het heden van de aardbodem en alleen J weet nog dat hij er gisteren nog was; de rest leeft in de realiteit waarin K in de jaren '60 was omgekomen. J reist ook terug in de tijd naar net een dag voor het voorval om Boris te stoppen. Daar komt hij de jonge agent K tegen, gespeeld door de geweldige Josh Brolin (No Country for Old Men), die ook in deze film weer indruk maakt en een ontzettend treffende Tommy Lee Jones-imitatie neerzet. Hij is het hoogtepunt van de film en speelt Will Smith, die een vermoeide en ongeïnspireerde herhalingsoefening doet, helemaal plat.

De film begint wat twijfelachtig en lijkt de tenenkrommende humor van het tweede deel voort te gaan zetten, maar wanneer Agent J de tijdreis heeft gemaakt, herstelt de balans zich wat meer en is het vooral genieten van Brolin. Hij kan de film helaas niet in zijn eentje naar een hoger niveau tillen. Het is goed te zien dat de productie van de film wat tegenslag heeft gekend. De special effects zijn niet altijd even goed uitgevoerd en het gebruik van een green screen wordt af en toe wel heel erg duidelijk. Ook lijkt het verhaal niet zo groots en episch als in de vorige films. De locaties zijn vrij beperkt en eentonig, de slechterik is weinig overtuigend en de humor is een kwestie van hit or miss. Daarbij is voor de gebeurtenissen in deze film nooit een aanleiding gegeven in de vorige films. Zo heeft Agent K een romantische interesse voor Agent O (Emma Thompson), die voorheen nooit te zien was, en is de twist aan het einde leuk gevonden, maar niet meer dan een twist op zichzelf en magertjes uitgewerkt in de aanleiding.

Men in Black 3 is vermakelijk voor zolang hij duurt, maar de geforceerde indruk die de film geeft groots te willen zijn en de moeilijkheden tijdens de productie maken deze film niet tot wat hij zou moeten zijn. Deze film zou de verbetering van het slappe tweede deel moeten zijn, maar haalt dat met hakken over de sloot. Kijk de film voor Josh Brolin, zie de special effects even door de vingers, en je kunt onder het genot van een zak popcorn en een drankje naar keuze nog best wat leuke momenten beleven.

zaterdag 8 september 2012

Bernie (2011) – 7.5/10

Bernie gaat over Bernhardt "Bernie" Tiede, de man die op 19 november 1996 een steenrijke weduwe van het leven beroofde, haar vervolgens in een vriezer stopte en negen maanden tot aan zijn arrestatie van haar geld leefde. De film heeft de opzet van een mockumentary, zoals Ricky Gervais' The Office, waarbij tussen het verhaal door, verschillende personages worden geïnterviewd om commentaar te geven op de gebeurtenissen. Het enige verschil is dat de gebeurtenissen zijn gebaseerd op waargebeurde feiten en dat hierbij echte mensen uit het plaatsje Carthage, Texas aan het woorden komen (of zijn het stiekem toch acteurs?).

Jack Black kruipt in de rol van Bernie en het is zonder twijfel zijn beste prestatie tot nu toe. Hij is hier nu niet een melige rock 'n' roller (Tenacious D in the Pick of Destiny en School of Rock), een Mexicaanse worstelaar (Nacho Libre) of een Kung Fu Panda. Black laat als Bernie zien dat hij ook prima rollen aankan die wat meer subtielere nuances vereisen. Goede regie is hierbij funest en dat weet Richard Linklater (Before Sunrise en Before Sunset) maar al te goed. Black weet hier een verwijfde kerel van achter in de dertig neer te zetten zonder te vervallen in karikaturen. Complimenten voor Black en Linklater, die een onvergetelijk personage weten neer te zetten.

Carthage, Texas is zo'n plaatsje waar iedereen elkaar kent en Bernie maakt dan ook al snel een goede naam als hij als begrafenisondernemer de overleden mensen weer mooi maakt, prachtig zingt tijdens hun begrafenissen en de harten van vele oude weduwen steelt. Geen kwaad woord over Bernie, dus. De dorpsbewoners spreken dan ook vol lof over hem tijdens de interviews en niemand had ooit kunnen denken dat hij in staat was een moord te plegen. Bernie was een ontzettend gul en vriendelijk persoon en had met iedereen altijd het beste voor. De persoon waaraan iedereen in Carthage een hekel had en iedereen, inclusief haar kinderen afstootte , was de weduwe Marjorie Nugent (Shirley MacLaine), die zelfs ook Bernie meerdere malen de deur wees. Maar Bernie bleef volhouden, want hij geloofde dat hij ook haar blij kon maken. Mevrouw Nugent raakt op den duur toch gecharmeerd van alle aandacht en de twee worden steeds hechter. Zelfs zo hecht dat ze onafscheidelijk worden en Bernie zijn baan opzegt om fulltime haar bediende te worden. Ze maken samen verre reizen en de weduwe fleurt helemaal op. Maar wat moet een man van achter in de dertig, nooit getrouwd, met zo'n oude vrouw? Zou hij misschien homo zijn? Op het punt dat je je dat gaat afvragen, wordt de vraag aan de dorpsbewoners gesteld. Een vrouw geeft het argument dat enkele apostelen van Jezus ook hun hele leven celibaat waren en dat over hen ook nooit de vraag werd gesteld of ze wellicht homoseksueel zouden zijn.

De film leidt uiteindelijk naar de gebeurtenis waarbij Bernie de weduwe Nugent om het leven brengt door haar vier keer in de rug te schieten. Ze zou de arme Bernie zo gemeen hebben behandeld en zo jaloers zijn op de aandacht die hij alle dorpsbewoners gaf, dat hij haar in een woedeaanval heeft vermoord. Linklater heeft er duidelijk voor gekozen Bernie een sympathiek karakter te geven, precies zoals vele dorpsbewoners hem beschreven; een lieve man die tot het uiterste werd gedreven en plotseling klapte. Hierdoor wordt het verhaal interessanter, in plaats van Bernie als een gewetenloze oplichter af te schilderen. Is het begrijpelijk dat Bernie deze daad heeft begaan en is zijn straf niet te zwaar wanneer je kijkt naar al het goede wat hij voor de mensen van Carthage heeft gedaan? De officier van justitie, gespeeld door Matthew McConaughey die hier met plezier zijn Texaanse afkomst ten volste benut, moet zelfs de rechtszaak verplaatsen naar een ander district, omdat er in de omgeving van Carthage te veel mensen zouden zijn die Bernie te positief zouden veroordelen.

Bernie is een fijne film die knap in elkaar zit, en die zich ook qua vertelling onderscheidt. Linklater heeft, nog meer zelfs dan bij de series van Gervais, de lijn tussen feit en fictie verdund. De mensen die verantwoordelijk waren voor de casting verdienen ook een pluim, want de geïnterviewde dorpsbewoners zijn allemaal ontzettend goede acteurs die heel geloofwaardig 'echte', niet-acterende mensen kunnen spelen. Dit gegeven en een uitstekende Jack Black tillen de film naar een hoger niveau. Aanrader!

maandag 20 augustus 2012

50/50 (2011) – 6.5/10

Jonathan Levine, die in 2006 debuteerde met de prima slasher All the Boys Love Mandy Lane, staat aan het roer bij de op waarheid gebaseerde film 50/50. Een lastige positie, aangezien de hoofdpersoon een 27-jarige kankerpatiënt is; zie hier maar eens een evenwichtige film van te maken – wansmaak ligt al gauw op de loer. De schrijver van het script, Will Reiser, is de persoon waarop de film is gebaseerd. In de film heet hij Adam en wordt hij gespeeld door de indrukwekkende Joseph Gordon-Levitt, die in (500) Days of Summer al heeft laten zien dat hij goed past in een tragikomische film. De beste vriend van Adam, Kyle, wordt vertolkt door Seth Rogen, die in het echt ook Will Reiser heeft bijgestaan tijdens zijn ziekte. Rogen, die eigenlijk altijd hetzelfde personage (zichzelf?) speelt, is nu juist in deze film de goede persoon.

De titel 50/50 verwijst naar de overlevingskans van Adam. Kyle weet hem op te beuren met het feit dat dit in een casino een prima kans is waarop je kunt inzetten. De film behandelt de ziekte met beleid en is voorzichtig met de grappen. Er valt vooralsnog niet veel te lachen, want het feit blijft dat kanker een uiterst gevoelig onderwerp is. Dit feit leunt dan ook zwaar op de plot en de kijker wordt de morele kwestie voorgehouden of het nu verstandig is om te lachen om de grappig bedoelde situaties in de film. Zo is de eerste scene met de nog niet afgestudeerde psychologe Katherine, gespeeld door Anna Kendrick die een goede indruk achterliet in het uitstekende Up in the Air, heel ongemakkelijk om te zien. De ongemakkelijkheid van Katherine als beginnend psychologe, die tevens elke regel in haar beroep overtreedt, voelt ongepast in het eerste bedrijf van een film over kanker. Het is ook jammer dat het meteen duidelijk wordt dat zij het nieuwe liefje van Adam gaat worden en vervolgens nog meer over de schreef zal gaan. Het personage Rachael (Bryce Dallas Howard) is nog eendimensionaler als de overspelige, manipulerende vriendin van Adam.

De film heeft twee sterke bijrollen. Anjelica Huston, het meest bekend als Morticia uit The Addams Family, speelt een geweldige rol als de moeder van Adam en weet hier meer diepte aan haar personage te geven dan waarschijnlijk in het script stond. Philip Baker Hall is een van de kankerpatiënten die Adam ontmoet tijdens de chemotherapie en de oude rot hoeft eigenlijk weinig zijn best te doen om te overtuigen. Wanneer Adam zijn vorm van kanker aan hem vertelt – een enorm lange naam voor rugkanker – zegt hij droogjes: "Hoe meer lettergrepen, hoe erger het is."

De ongemakkelijkheid die eerst zo zwaar op de film leunt wordt naarmate de film vordert minder. Dit komt vooral doordat Adam wordt opgebeurd door zijn vriend Kyle en ook lol kan hebben, ondanks dat hij ziek is. De serieuze Adam wordt wat losser en komt erachter dat je toch best wel wat vrouwen kan versieren met een kale kop. Maar hij komt ook tot de pijnlijke conclusie dat hij nog niet zo heel veel met zijn leven gedaan heeft. Het laatste bedrijf van de film leunt meer naar drama wanneer Adam te horen krijgt dat de chemotherapie niet aanslaat. Dit is het sterkste moment van de film en Gordon-Levitt laat zien dat hij uitstekend kan acteren. Het moment voordat hij onder narcose wordt gebracht voor een alles-of-niets-operatie is aangrijpend.

50/50 is een persoonlijke film voor Will Reiser, die op aansporen van Seth Rogen het script heeft geschreven. Een noodzakelijke film om de gebeurtenissen te verwerken en een goede, maar met vlagen onevenwichtige film voor de kijker. De humor is goed bedoeld, maar komt vooral in het begin niet goed uit de verf. De verhouding 50/50 voor humor en drama is misschien geen goede beslissing geweest en had iets meer van het een of het ander moeten hebben. Dit was de levensverwachting van de film waarschijnlijk ten goede gekomen.

zondag 19 augustus 2012

The Cabin in the Woods (2011) - 6/10

Het horrorgenre kent nu al enige tientallen jaren een vast format: een handjevol jonge mensen gaat op vakantie in een afgelegen gebied en wordt daar een voor een afgeslacht door een willekeurig stel monsters, waarbij heel vaak het vrouwelijke personage het overleeft of in ieder geval het langst blijft leven. We hebben het hier dan over Amerikaanse horror, welteverstaan. The Cabin in the Woods gaat vrolijk aan de slag met dit overbekende gegeven en geeft er zijn eigen, komische draai aan. Nu is het niet voor het eerst dat het horrorgenre op de hak wordt genomen. Integendeel, dit wordt praktisch al gedaan sinds het ontstaan van het genre; (het gebrek aan) originaliteit is altijd de grootste vijand van het genre geweest. Het toevoegen van humor kan goed werken, zoals Sam Raimi's Evil Dead II of de meligheid van Tucker and Dale vs Evil. The Cabin zit hier een beetje tussenin. De makers kiezen voor droge humor, dus men hoeft gelukkig geen vermoeiende Scary Movie-achtige praktijken te verwachten.

De film heeft misschien wel de aller saaiste openingsscène uit de geschiedenis van de horrorfilm, waarbij we twee werknemers van een groot bedrijf bij de koffieautomaat zien lullen over keukenkastjes. De makers laten hun gevoel voor komische timing zien wanneer dan plots daarna heel groot en met veel lawaai de titel van de film in beeld komt, à la Funny Games. De toon is gezet en het is vanaf dan hopen dat dit op zijn minst wordt vastgehouden. Drew Goddard moet zich met deze film in de regisseursstoel nog bewijzen, maar Joss Whedon, schrijver van het script, heeft al naam gemaakt met de door fans geprezen serie Firefly (met de tenenkrommende vervolgfilm Serenity, die op IMDb naar onbegrijpelijke hoogtes is gestegen) en heeft recentelijk gigantisch succes geboekt met The Avengers. Thor-ster Chris Hemsworth is ook te zien in The Cabin, maar heeft hier vrij weinig materiaal om mee te werken. De rest van de cast is relatief onbekend, op een verrassende cameo van Sigourney Weaver na.

De plot is hetzelfde als honderden andere: een stel stereotypes gaan naar een blokhut in de bossen – compleet met de stop bij een benzinestation met enge eigenaar – om vervolgens ten prooi te vallen aan een stel zombies. Het kwaad is hier arbitrair, wanneer duidelijk wordt dat de werknemers uit de openingsscène voor een bedrijf werken die dit soort scenario's op poten zet, waarbij de slachtoffers ervoor 'kiezen' hoe zij aan hun einde komen. Hun interactie met verschillende objecten in de blokhut kan weer verschillende monsters oproepen. Het oplezen van een Latijns gedicht zorgt er in dit geval voor dat de ondode bewoners van de hut uit hun graf opstaan. Het bedrijf houdt alles met camera's in de gaten en zorgt ervoor dat alles precies volgens het format van een horrorfilm verloopt. Dit geeft de film een interessante invalshoek en blijft het onduidelijk waar de film uiteindelijk heen zal gaan, helemaal wanneer na een uur het normale format al is uitgespeeld en de werknemers een feestje bouwen rondom alweer een succesvol verloop, terwijl er nog ruim een half uur op de teller staat. Hierna worden alle remmen los gegooid en verliest de film zijn focus.

Je zou een leuk drankspel van de film kunnen maken: wie kan de meeste verwijzingen naar horrorfilms opnoemen? De makers hebben er vast plezier in gehad om zoveel mogelijk te refereren aan klassiekers, maar helaas wordt de film nooit heel grappig (of spannend!) en is nergens ingenieus. Het meest geslaagd is nog wel de kijk op de Japanse horrorfilm, waarbij een stel kleuters erin slaagt om de voor hen zo iconische vrouwelijke geest met de zwarte haren te verslaan en in een kikker op te sluiten. The Cabin in the Woods is een vermakelijke film met hier en daar een geslaagde grap, maar het ontstijgt nooit het genre van de horror, de persiflage, of de combinatie ervan. Alles wat we zien is al een keer eerder gedaan en de film wordt, ondanks een legio aan verwijzingen, nooit meer dan de som der delen.